Het recht op 'klein verlet'

Vroeger noemde men het wel eens 'klein verlof', maar de officiële term is momenteel 'Klein verlet'. De term slaat op de korte periodes van afwezigheid op het werk om aan een wettelijk voorschrift te voldoen of omwille van bepaalde omstandigheden in het privé-leven van de werknemer.


Hoewel deze afwezigheden gewettigd zijn, toch moet men de toelating van de werkgever vragen. Men moet dus voorafgaand een aanvraag indien bij de werkgever.

Deze verlofdagen worden toegekend ter gelegenheid van verschillende familiale gebeurtenissen : een huwelijk (3 dagen voor het huwelijk van de werknemer zelf), een geboorte of adoptie (10 dagen), een overlijden, een communiefeest of een feest van de vrijzinnige jeugd (1 dag). De wetgever voorziet zelfs verlof voor de intreding in het klooster of de priesterwijding van een familielid (enkel de dag van de plechtigheid). Dergelijke gebeurtenissen zijn natuurlijk zeer zeldzaam geworden en het zou daarom gek zijn geen gebruik van te maken van het aangeboden klein verlet!

Het recht op klein verlet en het aantal dagen van toegelaten afwezigheid hangen af van de graad van verwantschap die de werknemer en de persoon in kwestie verbinden. Dit geldt bijvoorbeeld zeker al voor een overlijden (1 à 3 dagen). Niet alle sterfgevallen in een familie komen trouwens in aanmerking. Een werknemer die de begrafenis van een oom, tante, neef of nicht wil bijwonen zal hiervoor een dag verlof moeten nemen (die dus van zijn quotum jaarlijkse verlofdagen afgaat) of een dag onbetaald verlof moeten vragen.


Delen





© Vivat.be 2014

Contact | Wie zij wij?