Whisky: het levenswater

Zeggen dat whisky de jongste jaren in de lift zit, is een open deur intrappen. Niet alleen winnen de single malts wereldwijd enorm aan populariteit, ook schieten whiskyverenigingen tot in Vlaanderen toe als paddestoelen uit de grond.


Nochtans is het aantal distilleerderijen in Schotland – hét whiskyland bij uitstek – de voorbije decennia veeleer afgenomen. Al dient gezegd dat het stoken van whisky buiten de traditionele landen (Schotland, Ierland en de Verenigde Staten) terrein wint en dan hebben we het o.a. over Canada, India, Australië, Nieuw-Zeeland, Thailand, Frankrijk, Nederland en zelfs België.

Oorsprong en betekenis

De benaming ‘whisky’ is afgeleid van het oud-Keltische uisge beatha, wat ‘levenswater’ betekent. Vandaag de dag zijn zelfs de meest fanatieke Schotten het erover eens dat whisky oorspronkelijk uit Ierland en niet uit Schotland afkomstig is. Het zouden Ierse monniken zijn geweest die de distilleertechniek via de Moren van de Arabieren overnamen en gingen aanwenden om er sterke drank mee te stoken.

Over de vroege jaren van het levenswater bestaan weinig of geen geschreven bronnen. Wel staat vast dat de kunst van het distilleren tot op heden door mondelinge overlevering van generatie op generatie werd voortgezet en verfijnd. Algemeen wordt aangenomen dat de uit 1494 daterende zinsnede “eight bolls of malt for Friar John Corr, wherewith to make aquavitae” de oudste registratie vormt die wijst op het distilleren van whisky. Verder zou men kunnen voortgaan op de op flessen van sommige distilleerderijen vermelde jaartallen van oorsprong. Maar deze slaan vaak op legenden en kunnen bijgevolg al eens misleidend zijn.

Ierland vs Schotland

Hoe dan ook, feit is dat de whiskyindustrie pas in de achttiende en negentiende eeuw een vlucht nam in de bakermat van het eerste uur, namelijk Ierland. Schotland volgde aanvankelijk veeleer schoorvoetend. Tot in de vroege twintigste eeuw waren er honderden distilleerderijen actief in Ierland. Tot de zaken door een samenloop van omstandigheden hun keer namen. De Amerikaanse drooglegging van de jaren twintig liet de Ierse whiskyuitvoer naar de VS letterlijk opdrogen, terwijl de Schotten juist doorgingen met het binnensmokkeln van hun distillaten in dit land. Leuk om te vermelden in deze context is het feit dat de enige in Amerika officieel toegelaten sterke drank tijdens deze periode de Schotse whisky Laphroaig was, die er door het groene glas en het witte etiket met zwarte letters niet alleen als een medicijn uitzag, maar dankzij de uitgesproken rokerige en medicinale smaak ook officieel als geneesmiddel werd erkend. Hoe dan ook, de Ierse stokers lieten het mede omwille van de Amerikaanse drooglegging afweten en honderden Ierse distilleerderijen sloten de deuren. De Tweede Wereldoorlog bracht niet bepaald veel verandering. Door zijn neutrale houding in het conflict bleef Ierland namelijk letterlijk en figuurlijk buitenspel, terwijl Schotland massaal Amerikaanse soldaten verwelkomde en kennis liet maken met zijn versies van het levenswater. Het feit dat de Schotse whisky door een lichtjes verschillend distilleerproces iets pittiger smaakte, overtuigde het Amerikaanse thuisland al gauw om massaal over te schakelen op het levenswater van Britse komaf. Het hek was van de dam. De Ieren gooiden er het bijltje bij neer terwijl de Schotten vol overtuiging doorgingen op hun elan. Om een lang verhaal kort te maken, zitten we vandaag met nog welgeteld drie actieve distilleerderijen op het Groene Eiland (waarvan één dan nog in Noord-Ierland) en zowat honderddertig werkzame stokerijen in Schotland.

Tweedehands vaten

Het hoeft dan ook niet te verbazen dat vooral in Schotland werk werd gemaakt van een heuse whiskywetgeving. En uiteraard vormt de definitie en bescherming van de naam ‘whisky’ hier een van de pijlers van. Om in Schotland het etiket ‘whisky’ opgeplakt te krijgen, moet een drankje gedistilleerd zijn op basis van graan, minstens 40 procent alcohol bevatten en gedurende minimum drie jaar en één dag op eikenhouten vaten hebben gerijpt. Maar ook in de Verenigde Staten kent men er wat van. De bourbon moet er voor minstens 51 procent op basis van maïs worden gemaakt en op nieuwe vaten (die dus nog geen andere drank hebben bevat) worden gerijpt. Merkwaardig genoeg speelt dit zowat perfect in op de Schotse regelgeving, die bepaalt dat voor het rijpen enkel ‘tweedehands’ vaten mogen worden gebruikt. U raadt het al, een aanzienlijk deel van de Schotse whisky rijpt op voormalige bourbonvaten. Maar ook sherryvaten zijn er heel populair en de jongste jaren wordt er geëxperimenteerd met o.a. rum-, porto- en wijnvaten.


Delen





© Vivat.be 2014

Contact | Wie zij wij?